Table Of ContentVerborgen orde
Verborgen orde
Systeemmanagement van organisaties
Paul Huguenin
Harrie van Gestel
Bohn Stafleu van Loghum
Houten 2007
© Bohn Stafleu van Loghum, 2007
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvou-
digd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar ge-
maakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door
fotokopieën of opnamen, hetzij op enige andere manier, zonder voorafgaande
schriftelijke toestemming van de uitgever.
Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van
artikel 16b Auteurswet 1912 j° het Besluit van 20 juni 1974, Stb. 351, zoals ge-
wijzigd bij het Besluit van 23 augustus 1985, Stb. 471 en artikel 17 Auteurswet
1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen
aan de Stichting Reprorecht (Postbus 3051, 2130 KB Hoofddorp). Voor het
overnemen van (een) gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers
en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet 1912) dient men zich tot de
uitgever te wenden.
Samensteller(s) en uitgever zijn zich volledig bewust van hun taak een be-
trouwbare uitgave te verzorgen. Niettemin kunnen zij geen aansprakelijkheid
aanvaarden voor drukfouten en andere onjuistheden die eventueel in deze uit-
gave voorkomen.
ISBN 978 90 313 5083 4
NUR 741, 807
Ontwerp omslag en binnenwerk: Studio Bassa, Culemborg
Bohn Stafleu van Loghum Distributeur in België:
Het Spoor 2 Standaard Uitgeverij
Postbus 246 Mechelsesteenweg 203
3990 GA Houten 2018 Antwerpen
www.bsl.nl www.standaarduitgeverij.be
Inhoud
Waar gaat dit boek over 7
…o Din…. 9
1 Cursusreünie 11
Wat bepaalt de effectiviteit van organisaties? 19
1.1 De organisatie moet veranderen 19
1.2 Complexiteit 21
1.3 De systeemtheorie 25
1.4 Interveniëren: actie 29
1.5 Doel en opzet van dit boek 30
2 Ver van huis 33
Interactie en dynamiek binnen systemen 49
2.1 Inleiding 49
2.2 Systemen 50
2.3 Domeinen en domeinsturing 61
2.4 Voorbeelden van systemen en domeinen 67
2.5 Samenvatting 68
3
3 Walhalla 71
Systeemtheorie: de impliciete orde 87
3.1 Inleiding 87
3.2 De systeemtheorie 88
3.3 System dynamics 93
3.4 Chaostheorie 97
3.5 Eigenschappen van complexe systemen 100
3.6 Sturing op de stabiliteit van een systeem 103
3.7 Samenvatting 111
Verborgen orde
4 La Alberca 115
Patronen in systemen en domeinen 139
4.1 Inleiding 139
4.2 Systeemordening van Graves 140
4.3 De onderscheiden systemen 145
4.4 Spanningen tussen domeinen 180
4.5 Samenvatting 190
5 Apen en goden 191
Interveniëren5 211
5.1 Inleiding 211
5.2 Analyseren van de werking van organisaties 212
5.3 Actie 1: systeembewust leiderschap 215
5.4 Actie 2: systeemonafhankelijk interveniëren 219
5.5 Actie 3: kaderen – patroondoorbrekend interveniëren 224
5.6 Samenvatting 231
Spanjereünie 233
Domeinsturing 255
6.1 Inleiding 255
6.2 Waarnemen en de waarnemer 256
6.3 Waarnemen van domeinen 266
6.4 Actie 4: domeinsturing 272
6.5 En wat moeten we met de adviseur? 287
6.6 Cultuurverandering 289
6.7 Samenvatting 291
7 Voorwaarts 293
Nawoord 297
Begrippen 298
Literatuur 302
Waar gaat dit boek over?
Een boek lees je voor je plezier of omdat je er iets van wilt opsteken.
Het leuke is: dit boek biedt beide. Waar gaan we het over hebben? Vijf
mensen gaan in dit boek op zoek naar antwoorden op de volgende
vragen:
– Wat moet je doen als je zaken in en met je organisatie voor elkaar
wilt krijgen, maar steeds stuit op (dezelfde typen) problemen die
de pogingen ondermijnen?
– Wat moet je doen als je merkt dat de concurrentiekracht van je
organisatie achteruitgaat, terwijl de organisatie zelf er maar niet
door in actie lijkt te komen?
– Wat moet je doen als je intern, om de organisatie beter te laten
functioneren, veranderingen wilt doorvoeren, er veel geld in stopt,
terwijl de beoogde resultaten van het veranderplan steeds maar
niet goed uit de verf komen?
– Wat betekent zaken daadwerkelijk willen veranderen eigenlijk voor
jezelf?
We kijken naar problemen in organisaties die je, wat je ook doet,
maar niet lijkt op te kunnen lossen, zoals:
– Wat ik ook probeer, mijn mensen komen traag in beweging en zijn
onvoldoende resultaatgericht.
– Wat we ook proberen, we beginnen wel aan van alles, maar we ma-
ken nooit iets af.
– Wat ik ook probeer, mijn mensen blijven indekkerig, afwachtend
en ze doen pas wat als ik er bovenop zit.
– Wat we ook proberen, we werken veel te weinig gestructureerd,
resultaatgericht, klantgericht, energiek, flexibel, praktisch, geïn-
spireerd, maatschappelijk verantwoord.
– Wat ik ook probeer, ik houd mijn organisatie niet in de greep.
– Wat we ook proberen, we werken veel te chaotisch, angstig, voor-
zichtig, bureaucratisch, impulsief, solistisch, slap, star.
– Onze beste mensen lopen weg.
Vaak werken allerlei interventies onvoldoende omdat ze geen re-
kening houden met de typische werking van organisaties, die de
neiging hebben om immuun te zijn voor veel interventies. Dat komt
doordat organisaties zogenaamde systeemeigenschappen hebben. Kort
samengevat: wat een organisatie niet kent, eet ze niet en stoot ze in
principe af. Omdat iedereen in de organisatie daar (onbewust) aan
8 Verborgen orde
meedoet (ook de leiders), dreigt voor veel verander- en verbetermaat-
regelen dat ze niet renderen.
Is daar wat aan te doen? De kans op succes is in elk geval aanzienlijk
te vergroten. Daarvoor is het nodig om je bewust te zijn van hoe or-
ganisaties eigenlijk werken. Met de kennis die de systeemtheorie ons
biedt, kijken we in dit boek naar organisaties als systemen en gaan
we in op hoe we in die systemen invloed kunnen uitoefenen en zaken
zoals hierboven geformuleerd voor elkaar kunnen krijgen.
De benadering die we in dit boek uitwerken, noemen we systeemma-
nagement en we gaan in op zes onderdelen die we bij deze benadering
onderscheiden.
systeemmanagement
1 Bewustzijn van de werking van systemen – rode draad van het boek.
2 Waarnemen van de werking van je eigen systeem – hoofdstuk 2, 3
en 4.
3 Actie 1: Systeembewust leiderschap – hoofdstuk 5.
4 Actie 2: Systeemonafhankelijk interveniëren – hoofdstuk 5.
5 Actie 3: Kaderen – Patroondoorbrekend interveniëren – hoofdstuk 5.
6 Actie 4: Domeinsturing – hoofdstuk 6.
…o Din….
Negen dagen hing Odin aan de wereldboom Yggdrasil. Hij had zichzelf vrijwil-
lig opgehangen en door de erop volgende dood en herrijzenis verwierf hij grote
wijsheid. Toch was hem deze wijsheid niet genoeg. Het was daarom dat hij zich
jaren later naar het gebied van de dwerg Mimir begaf. In Mimirs gebied bevond
zich immers de bron van wijsheid. Mimir dronk daar alle dagen van, zonder
veel met zijn verworven wijsheid te doen. Hij speelde schaak tegen zichzelf.
Odins vurige wens was om ook van de bron te drinken. Mimir stond hier niet
onwelwillend tegenover, maar zei Odin dat wijsheid een prijs heeft. Odin ant-
woordde dat hij zelfs een van zijn ogen wilde afstaan om van de bron te mogen
drinken. Met deze prijs ging Mimir akkoord. In ruil voor zijn oog nam Odin
van de bron en breidde zo zijn wijsheid uit. Wijsheid, die de ondergang van de
wereld zou moeten uitstellen. Want hoewel Odin door zijn grote wijsheid macht
over zijn eigen schepping had verworven, over het noodlot had hij deze macht
niet.
Getrouwd met Frigg, werd Odin bemind door vele andere vrouwen. Tot zijn
zoons behoorden Donar, Baldr en Thor. Afschrikwekkend was Odin echter in
de ogen van zijn vijanden. Hij verstond de kunst om voortdurend van uiterlijk
en gedaante te veranderen. Een strijder was hij, op vele manieren, maar vooral
met woorden. Een zo begenadigd spreker, dat iedereen die naar hem luisterde
ervan overtuigd was dat alleen hij de waarheid sprak. Odin beheerste en be-
oefende de ‘seidr’, de beïnvloedende, kaderende magie die de beoefenaar grote
macht schenkt. Daardoor kon hij de toekomst en het lot van mensen te weten
komen. Hij kon dood, ongeluk en ziekte veroorzaken, mensen van hun verstand
en kracht beroven en die aan anderen geven. Door middel van woorden alleen
kon hij vuur doven, de zee tot bedaren brengen en de wind laten waaien zoals
hij wilde.
Odin was wijsheid en macht ineen. Hij wakkerde strijd en strijdlust aan en
blies deze bij anderen in. Zijn vijanden vreesden hem, voor zijn vrienden was
hij leermeester. De meeste van zijn kunsten onderwees hij aan zijn priesters,
die hierdoor nagenoeg zo wijs en bedreven in de toverkunst waren als hijzelf. Zo
verbreidde Odin zijn kunsten.
Odin, de oppergod in de Germaanse en Noordse mythologie, is
het symbool van opperste wijsheid (kennis, poëzie en literatuur) en
macht (kracht, energie, strijd en oorlog). Bij de Vikingen stond Odin
in hoog aanzien. Zij voelden zich aangetrokken tot ‘de vader der ge-
sneuvelden’, die in het Walhalla de roemrijke doden huisvestte.
Odin bezat twee raven, Hugnin (gedachte) en Munin (geheugen), die
hij had leren spreken. Zij vlogen de hele wereld door en brachten hem
10 Verborgen orde
berichten. In zijn ene hand droeg hij de beker waaruit hij de mede
dronk die zijn geest deed gisten en wijsheid en nieuwe kennis deed
opborrelen. In zijn andere hand had hij zijn speer Gungnir, die nooit
haar doel miste.
Achter hem aan liepen zijn trouwe, vraatzuchtige wolven Geri (gul-
zigheid) en Feki (vraatzucht) die hij voedde. Zelf at hij niet, hij dronk
enkel zijn mede.
Bron: Wikipedia